
De nieuwe publicatie "We zijn gewoon een goede buur" van MOVISIE brengt op een inspirerende manier de mogelijkheden van wijkservicepunten in beeld. Centraal staat de vraag naar de betekenis van wijkservicepunten voor de zelfredzaamheid en het (langer) zelfstandig wonen van kwetsbare wijkbewoners. Waarom draagt het ene wijkservicepunt daar meer aan bij dan het andere?
MOVISIE publiceert deze handreiking in het kader van het actieplan "Beter (t)huis in de buurt, Samenwerken aan wonen, welzijn en zorg 2007-2011". In het voorwoord wijzen Eberhard van der Laan, minister voor Wonen, Wijken en Integratie, en Jet Bussemaker, staatssecretaris van het ministerie van VWS, op de bijdrage die deze handreiking aan de totstandkoming en verbetering van wijkservicepunten kan leveren.
In een groot aantal Nederlandse gemeenten zijn de laatste jaren wijkservicepunten opgezet om kwetsbare ouderen en wijkbewoners met lichamelijke of psychische beperkingen te ondersteunen bij zelfstandigheid en maatschappelijke participatie. Er zijn er al minstens honderd operationeel. Naar schatting zijn op dit moment nog eens 300 wijkservicepunten in oprichting, mede ingegeven door de komst van de Wet maatschappelijk ontwikkeling (Wmo). Met subsidie van het Ministerie van VWS hebben MOVISIE en Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg deze ontwikkeling in kaart gebracht.
"We zijn gewoon een goede buur" gaat in op de betekenis van wijkservicepunten voor de zelfredzaamheid en het (langer) zelfstandig wonen van kwetsbare wijkbewoners. Welke elementen in vormgeving, organisatie en aanbod zijn daarbij van belang? Vier centra zijn hierbij nader bekeken: Houthaghe in Den Haag, Heksenwiel in Breda, Pannenhoef/De Rode Loper in Kaatsheuvel, en De Bogen in Harderwijk. De handleiding is bedoeld voor partijen die betrokken zijn bij werkservicepunten, zorg- en welzijnsorganisaties, gemeenten, woningcorporaties, vrijwilligersgroeperingen, en bewonersgroeperingen.
15-12-2008