Huurders kunnen huurtoeslag aanvragen als hun huur te hoog is in verhouding tot het inkomen. Tot 1 januari 2006 heette de huurtoeslag: huursubsidie. In principe betreft dit zelfstandige woningen. Ook bewoners van onzelfstandige woonruimte kunnen onder bepaalde voorwaarden in aanmerking komen voor huurtoeslag. Een aparte regeling is er voor groepswoningen.
Voor het verkrijgen van huurtoeslag voor onzelfstandige woonruimte zijn dus twee trajecten nodig:
De eigenaar of degene die een project opstelt (zoals een project voor begeleid wonen) kan de aanwijzing aanvragen. Gebouwen of woningen kunnen worden aangewezen als onzelfstandige woonruimten als zij geschikt en bestemd zijn voor begeleid wonen, groepswonen door ouderen of een daarmee vergelijkbare woonvorm. Bovendien moet de woning of het woongebouw eigendom zijn van en aan de huurder worden verhuurd door een instelling zonder winstoogmerk, die werkzaam is op het gebied van de volkshuisvesting zoals woningcorporaties, toegelaten instellingen en verenigingen of stichtingen van ouders. Dit moet blijken uit de statuten. Behalve de eigenaar moet ook de eventuele (onder)verhuurder een rechtspersoon zonder winstoogmerk zijn.
Overigens betekent aanwijzing van een woongebouw niet dat de huurder ook recht op huurtoeslag heeft. Elke individuele huurtoeslagaanvraag wordt getoetst aan de voorwaarden die ook voor huurders van zelfstandige woningen gelden.
Bij begeleid wonen moet het woongebouw bestemd zijn voor de huisvesting van personen die begeleiding en/of zorg nodig hebben om zelfstandig te kunnen wonen. Denk aan verstandelijk of lichamelijk gehandicapten, psychiatrische of psychogeriatrische patiënten en dak- en thuislozen.
Aan het gebouw op zich worden geen specifieke eisen gesteld. Het woongebouw kan een gewone eengezinswoning zijn, die is opgesplitst in verschillende onzelfstandige woonruimten. Als voorwaarde geldt dat iedere bewoner de beschikking heeft over minimaal één privé-vertrek met woon/slaapfunctie (een eigen afsluitbare wooneenheid).
Bij woonruimte voor begeleid wonen moet de verhuurder ook nog verklaren dat de bewoners van de woonruimten zonder hulp of begeleiding niet in staat zijn zelfstandig te wonen, het project zoveel mogelijk gericht is op integratie en acceptatie van de bewoners in de nabije omgeving, het project niet (uitsluitend) is gericht op huisvesting van minderjarige bewoners.
Ook moet er een contract zijn met een erkende zorginstelling, zodat duidelijk is dat er daadwerkelijk zorg wordt gegeven. De huurders moeten een gescheiden huur- en zorgovereenkomst hebben.
Bij groepswonen door ouderen gaat het om ouderen die om sociale redenen, en dus niet vanwege behoefte aan zorg, bijeen gaan wonen in onzelfstandige woonruimten.
De bewoners zijn gezamenlijk huurder van het totale woongebouw. Na aanwijzing van het woongebouw kunnen de individuele huurders, onder de normale voorwaarden, voor hun eigen woningdeel huurtoeslag aanvragen.
14-06-2006