In een brief aan de Tweede Kamer op 9 juli 2009 heeft staatssecretaris Bussemaker bekend gemaakt wat de minimale hoogte is van de vergoeding die zorgorganisaties vanaf 2011 gaan krijgen voor het bieden van huisvesting aan zorgcliënten (kapitaallastencomponent). Op veel punten is echter nog verdere uitwerking nodig. De brief komt daarmee maar gedeeltelijk tegemoet aan de roep om duidelijkheid rondom de kapitaallastenvergoeding na 2011.
De bedragen die in de brief genoemd worden, betreffen bedragen die minimaal zullen worden betaald in geval van nieuwbouw. In de komende maanden wordt in samenspraak met de Nederlandse zorgautoriteit (NZa) en TNO Centrum Zorg en Bouw gewerkt aan de invulling van keuzes en uitgangspunten. Die invulling zal mogelijk tot positieve aanpassing van de minimumbedragen voor nieuwbouw leiden.
Doordat afgelopen decennia te lange afschrijvingstermijnen zijn gehanteerd, is een reservoir van boekwaardeproblemen ontstaan. De NZa heeft voorgesteld de afschrijvingstermijn terug te brengen van 50 naar 40 jaar (met renovatie na 20 jaar). Een goedkopere variant met nieuwbouw na 30 jaar zonder tussentijdse renovatie wordt eveneens onderzocht.
De invoering van de nieuwe systematiek zal plaats vinden op basis van een overgangsmodel. Dit betekent dat de kapitaallastencomponent alleen voor nieuwbouw zal gelden. De afwegingen die hier aan ten grondslag liggen, zijn enerzijds dat zorgaanbieders bij de introductie van integrale tarieven niet meteen volledig risico lopen voor de afzet van voldoende productie, maar ook om er voor te zorgen dat de invoer plaatsvindt binnen de daarvoor gestelde budgettaire kaders.
Bron: ActiZ
15-07-2009