Overzicht VWS-plannen voor huisvestingstarieven in de zorg

Naast de plannen voor hervorming van de AWBZ, heeft staatssecretaris Veldhuijzen van Zanten-Hyllner van VWS op 1 juni 2011 ook haar plannen bekend gemaakt rond de zogenaamde normatieve huisvestingscomponent. Ze wil de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) vragen de tarieven vast te stellen die gelden voor de vergoeding van hun huisvestingslasten. Deze brief geeft hiervoor het kader, de uitgangspunten en informatie over de invoering.

Scheiden wonen en zorg vanaf 2014

De staatssecretaris is van plan om vanaf 1 januari 2014 te starten met het scheiden van wonen en zorg. Ze wil dit eerst doen voor mensen met een relatief lage zorgzwaarte: ZZP 1 en 2, zo mogelijk ook ZZP 3 en 4. Mogelijk daarna geleidelijk ook voor hogere zorgzwaartes.

Uitgangspunten voor integrale tarieven

Vanaf 2012 wil de staatssecretaris voor de bekostiging van de langdurige intramurale zorg tarieven hanteren waarin naast de vergoeding voor het zorgzwaartepakket ook een vergoeding voor de huisvesting ziet. De staatssecretaris vraagt de NZa de volgende uitgangspunten te hanteren:

  • Het budgettaire kader zorg als het macrokader, waarbij jaarlijks groei van volume en inflatie plaatsvindt
  • Een investeringspatroon van 30 jaar zonder tussentijdse renovatie
  • Een vast percentage van de nieuwbouwwaarde voor instandhouding
  • Een rentepercentage van 5% en beleid voor aanpassing van dit percentage aan eventuele marktontwikkelingen
  • De bouwtijd bedraagt 18 maanden
  • Voor grond, interimhuisvesting en terreinvoorzieningen komt een deelbedrag beschikbaar van 10% van de gemiddelde grondprijs in Nederland
  • Het bezettingspercentage bedraagt 97%
  • De indexatie van bouwkosten 2008-2011 bedraagt -1%
  • Tijdens het overgangstraject van zes jaar blijft de normatieve huisvestingscomponent herkenbaar binnen het ZZP-tarief
  • De normatieve huisvestingscomponenten volgen in principe de inflatie

Invoering in zes jaar

De invoering van integrale tarieven kent een overgangsperiode van zes jaar (2012-2018). De bekostiging van de huisvestinglasten gaat in die periode van 100% nacalculatie naar 100% risico. Bestaande aanbieders hebben altijd te maken met het overgangsregime; nieuwe aanbieders hebben meteen met het integrale tarief te maken.

Tot slot

De brief benoemt tot slot diverse andere belangrijke elementen, zoals het verdelingsmodel tussen de verschillende ZZPs, het uitgangspunt van vaste, maximale tarieven tot 2018, een regeling rond immateriële vaste activa (die overigens niet voor huursituaties van toepassing zal zijn) en een maximering van de kosten per vierkante meter voor te realiseren interimhuisvesting. De beleidsregel Kleinschalig wonen wordt per 2018 ingetrokken en zal tot die tijd eenzelfde overgangsregime kennen als andere zorgbouw. De huidige regeling zorginfrastructuur blijft voorlopig bestaan en wordt tot 2018 ingepast in de ontwikkelingen op het terrein van scheiden van wonen en zorg. Er komt een systeem van nacalculatie om overschrijdingen te verrekenen, er blijven mogelijkheden voor afwijking van de regels bij onevenredige gevolgen voor individuele gevallen en de huisvestingscomponent wordt onderdeel van de contracteerruimte, die overigens per 2012 komt te vervallen.

Meer informatie

15-06-2011